De recente escalatie in transatlantische betrekkingen
Na meer dan een jaar van voorzichtige diplomatie, waarin de Europese leiders trachtten de samenwerking met de Verenigde Staten te behouden en herhaaldelijk vlak werden gehouden door de Amerikaanse regering, bevindt Europa zich nu in een onverwachte confrontatie met het Witte Huis. President Donald Trump kondigde zaterdag aan dat hij uitgebreide nieuwe tarieven wil opleggen aan acht belangrijke Europese bondgenoten, tenzij Denemarken instemt met de overdracht van Groenland. Hiermee herinnert hij aan een van zijn meest provocerende buitenlandse beleidsdromen, door te dreigen met het territorium van een NAVO-bondgenoot.
De achterliggende strategy en de Europese reactie
Het ultimatum markeert de nieuwste stap in een patroon waarbij Europa herhaaldelijk werd teruggezet en gedwongen werd te reageren op Amerikaanse druk. Deze situatie ontstaat in een context van toenemende spanningen, waarbij economische en veiligheidsbelangen met de Verenigde Staten worden afgewogen tegen een Amerikaanse regering die steeds meer trade-politiek inzet als machtsmiddel tegenover haar dichtstbijzijnde partners.
De reactie in Europa was dit keer eveneens scherp. Autoriteiten uit de Europese Unie reageerden snel door op zondag een spoedvergadering bij elkaar te roepen. Tijdens deze bijeenkomst veroordeelden zij de dreigingen met tarieven als onacceptabel en waarschuwden voor ernstige gevolgen voor de relaties tussen Noord-Amerika en Europa.
De gevolgen en de onderliggende vraagstukken
Het voorval roept opnieuw vragen op over de mate waarin Europa bereid is de druk vanuit Washington te blijven accepteren, onder het mom van het NAVO-verdrag dat lijkt te barsten aan alle zijden. De betrokken landen – Denemarken, Noorwegen, Zweden, Frankrijk, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, Nederland en Finland – worden geconfronteerd met nieuwe tarieven van 10% totdat er een overeenkomst is bereikt over de volledige aankoop van Groenland. Wordt er geen akkoord gesloten vóór 1 juni, dan worden de tarieven verhoogd tot 25%.
Deze situatie herinnert aan de onderhandelingen die Europa vorige lente voerden, toen de Amerikaanse president probeerde de wereldhandel te hervormen door middel van importtarieven. Tegenwoordig heeft de VS al een kaderovereenkomst met de Europese Unie, waarin de tarieven beperkt zijn tot 15%, naast een apart akkoord met het Verenigd Koninkrijk dat de duties beperkt tot 10%. Of de nieuwe dreigingen deze afspraken zullen overschrijden of erbovenop komen, is nog niet duidelijk.
Europa’s defensieve houding en de onderlinge dynamiek
De Europese leiders lijken moe te worden van de Amerikaanse toenaderingspogingen. Regeringsleiders zoals het Verenigd Koninkrijk’s Keir Starmer, die lange tijd optrad als tussenpersoon in het conflict in Oekraïne, betoogden dat de plannen van Trump om tarieven op Europese bondgenoten op te leggen “volkomen verkeerd” zijn. Starmer onderstreepte dat het voor de Europese landen niet juist is om tarieven te heffen op bondgenoten die gezamenlijk werken aan de veiligheid via NAVO.
Ook Franse president Emmanuel Macron uitte zich kritisch, waarbij hij stelde dat “geen intimidatie” Europa zou kunnen weerhouden van haar koers met betrekking tot Groenland. De Zweedse premier Ulf Kristersson en de Noorse premier Jonas Gahr Støre benadrukten dat “achterstelling of chantage” niet horen bij de relaties tussen bondgenoten.
In een gezamenlijke verklaring verklaarden acht landen dat de tariefdreigingen een negatieve impact hebben op trans-Atlantische betrekkingen en dat dit een gevaarlijke neerwaartse spiraal kan veroorzaken. Zij prezen het verbond en beloofden zich te blijven inzetten voor een gezamenlijke reactie.
De strategische belangen en de invloed op de veiligheid
Trump staat standvastig in zijn overtuiging dat Groenland essentieel is voor de nationale veiligheid van de Verenigde Staten, onder meer omdat hij Russia en China daarbij probeert te voorkomen. Hij stelde dat Denemarken hier niets aan kan doen en vergelijkt de verdediging van Groenland met “twee hondenkarren als bescherming”.
De Europese landen vinden echter dat eventuele veiligheidsrisico’s met betrekking tot Groenland gecoördineerd moeten worden aangepakt. De Deense minister van Buitenlandse Zaken, Lars Løkke Rasmussen, zal de komende dagen diverse landen bezoeken om de situatie in het Noordpoolgebied te bespreken. Hij benadrukte dat het versterken van de rol van de NAVO in de Arctische regio cruciaal is.
De bredere politieke implicaties en toekomstperspectieven
Michael Bociurkiw, senior fellow aan het Atlantic Council’s Eurasia Center, stelde dat de dreigementen van Trump de situatie van “slingershot tot bazooka” hebben doen veranderen. Zelfs bij een Europese overeenkomst met Washington ligt de kans dat Trump van gedachten verandert, niet gering. Zoals hij benadrukte: “Trump is bekend om het herzien van zijn standpunten en het vervagen van de speelregels.”
De Canadese premier Mark Carney, die recentelijk lagere tarieven afsprak met China na gesprekken met Xi Jinping, deed volgens Bociurkiw een verstandige zet door naar Beijing te reizen, ondanks het risico dat dat oproept voor Trump. Dit wordt gezien als een voorbeeld van unilateraal handelen dat Europa mogelijk moet overnemen.
De onzekerheid over de Amerikaanse strategische visie blijft bestaan, volgens Britse analist Keir Giles. Hij stelde dat de dreigementen en beloftes die de Europeanen uiten richting Washington weinig effect zullen hebben, omdat de huidige Amerikaanse leiders niet de waarden of doelen delen die tot voor kort de NAVO- en veiligheidsagenda bepaalden.
Het beschermen van Oekraïne blijft vooral afhankelijk van de Europese landen die hun verantwoordelijkheid nemen, in plaats van te vertrouwen op Amerikaanse initiatieven, aldus Giles.
Tot slot waarschuwde de Spaanse premier Pedro Sánchez dat een Amerikaanse aanval op Groenland de Russische president Vladimir Poetin wellicht de grootste vreugde zou brengen.

