De gebeurtenis en de onmiddellijke gevolgen
De Verenigde Staten schokten de wereld op zaterdag door militaire aanvallen uit te voeren in Venezuela en de Venezolaanse president Nicolás Maduro te arresteren. Deze snelle actie beëindigde Maduro’s 13-jarige bewind in een operatie die door de Amerikaanse regering werd gepresenteerd als een vertoning van Amerikaanse macht. President Donald Trump sprak daarbij uit dat de VS beschikt over “vaardigheden en capaciteiten die onze vijanden nauwelijks kunnen bevatten”. Deze woorden waren niet onopgemerkt gebleven en werden vooral door de tegenstanders luid gehoord.
Internationale reacties op de aanval
Al snel veroordeelden Rusland en China de acties en riepen zij op tot vrijlating van Maduro, die naar de Verenigde Staten was overgebracht om geconfronteerd te worden met strafrechtelijke aanklachten. Iran en Cuba spraken eveneens van een schending van het internationale recht. Hun bezorgdheid droeg de ondertoon dat zij zelf mogelijk in het vizier van Washington zouden kunnen komen.
Ook belangrijke Europese bondgenoten reageerden voorzichtiger en matiger. Ze uitten zorgen over de legaliteit van de operatie, terwijl ze over het algemeen de beleidslijn van de Verenigde Staten ondersteunden.
De terugkeer van oude angsten en geopolitieke spanning
Gezamenlijk geven deze reacties blijk van een heropleving van oude zorgen over de interventiepolitiek van de VS. Dit scenario wekte de gedachte bij zowel bondgenoten als opponenten over welke andere acties Washington mogelijk zou kunnen ondernemen.
De standpunten van Iran en Cuba
Voor Teheran betekent de val van een nauwe bondgenoot een nieuwe uitdaging, vooral nu Iran intern te maken heeft met onrust. Een dag na de gebeurtenissen in Venezuela waarschuwde Trump dat Iran mogelijk Amerikaanse maatregelen zou krijgen als protesten zouden escaleren. Iran reageerde in een verklaring via het semi-officiële Tasnim nieuwsagentschap, waarin werd gesteld dat de aanval een “duidelijke schending van de basisprincipes van het Handvest van de Verenigde Naties en de fundamentele regels van het internationale recht” was.
In Havana noemde het leiderschap de aanval “staatsdiplomatiek terrorisme”. Cuba was zich er terdege van bewust dat zowel Trump als de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Marco Rubio de Cuba-politiek actief ter discussie stelden, met Rubio die vooral de invloed van Venezuela op Cuba onder de loep nam. Михаил Paarlberg, medewerker bij het Center for International Policy, benadrukte dat Rubio Venezuela beschouwt als “de belangrijkste beschermheer van het Cubaanse regime”. Hoewel eerdere Amerikaanse pogingen tot regimeverandering in Cuba vaak mislukten, waren er volgens Paarlberg gerede zorgen dat de Cubaanse leiders zich niet gerust zouden stellen.
De reacties in Latijns-Amerika en Europa
Verschillende linkse regeringen in Latijns-Amerika veroordeelden de VS eveneens, onder verwijzing naar de risico’s voor de stabiliteit van de regio. Brazilië sprak van een “onacceptabele grens” en waarschuwde voor een “zeer gevaarlijk precedent voor de internationale gemeenschap”. leiders als Gustavo Petro in Colombia, Claudia Sheinbaum in Mexico en Gabriel Boric in Chili onderschreven deze afkeuring.
Juristen betwijfelden de rechtsgeldigheid van de operatie sterk. Mary Ellen O’Connell, professor aan de Notre Dame Law School, stelde dat het gebruik van militaire kracht om Maduro te verwijderen feitelijk een “ontvoering” is dat ingaat tegen de kernprincipes van het VN-Handvest. Zij benadrukte dat het zelden rechtmatig is voor landen om militaire macht te gebruiken op het territorium van een ander, tenzij strikt volgens de internationale regels.
Veel Europese landen probeerden een zekere balans te vinden. De Britse premier Keir Starmer zei dat zijn land geen traan zou laten om Maduro’s regime te beëindigen, maar herhaalde ook zijn steun voor het internationale recht. De Duitse bondskanselier Friedrich Merz stelde dat de operatie ‘complex’ was en dat zijn land tijd zou nemen om de situatie te evalueren. Ursula von der Leyen, voorzitter van de Europese Commissie, hield een soortgelijke lijn aan en riep op tot een vreedzame, democratische overdracht die het internationaal recht respecteert.
De Franse minister van Buitenlandse Zaken, Jean-Noël Barrot, stelde dat de actie in Venezuela “in strijd is met het principe van niet-gebruik van geweld” onder het internationaal recht. De Spaanse premier Pedro Sánchez veroordeelde eveneens dat de operatie de internationale wet schond.
De norm en de geopolitieke implicaties
Hoewel de meest reactions voorspelbaar waren, vragen vele landen zich nu af hoe kwetsbaar ze zelf worden, aldus H.A. Hellyer, fellow bij het Royal United Services Institute in Londen. Hij stelde dat Europese landen op de VS rekenden en bepaalde gedragingen, die misschien niet meer mogelijk zijn. Zo liet Denemarken weten dat het de territoriale integriteit van Denemarken strikt zou handhaven, om te reageren op uitlatingen van Trump-gerichte figuren over Greenland.
Veel reacties waren voornamelijk gericht op het afstemmen met de VS over een specifiek issue, niet op Maduro persoonlijk. Hellyer stelde dat Europa ‘de steun voor het internationale recht uitspreekt, maar zich niet wil identificeren als tegen de VS’. Dit roept de vraag op waarom landen überhaupt het systeem aanroepen dat niet door de machtigste wereldstaat wordt ondersteund.
De geschiedenis toont dat zelfs in tijden van gebrekkige regels in het internationale systeem de Verenigde Staten vaak unilateraal handelen. Volgens geavançeerde analist Gregory A. Daddis berust de Venezuela-operatie op patronen van interventie die al decennia bestaan in Latijns-Amerika. Hij stelde dat de Verenigde Staten zich blijven claimen als de beschermer van het gehele Wester Hemisphere, waarbij men beweert dat dit binnen de jurisdictie valt om Amerikaanse belangen te beschermen.

